Interviews

 

OVER DOSSIER TOBIAS

Het is afschuwelijk voor een kind om te moeten kiezen

door Ine Jacet
Verscheen op 2 juni 2009 op Misdaadromans.nl

De titel van je eerste boek is: Vuurkoraal. Het gaat over de mysterieuze verdwijning van een zeventienjarig Amsterdams meisje op Curaçao. Dossier Tobias is je tweede misdaadroman. Tobias is een kleine jongen die het slachtoffer wordt van een scheiding tussen zijn beide ouders. Wil je iets meer vertellen over de inhoud van dit boek?
Dossier Tobias gaat behalve over kinderontvoering over ouderliefde, bedrog, onverwerkte trauma’s en falende wetgeving. Hoofdpersonen zijn de Nederlandse Isabel IJzerman, haar ex-man Nicolas en hun kinderen Tobias en Alexandra. Als de relatie tussen de exen in hun woonplaats Warschau zo ontspoort dat Isabel er met haar kinderen geen normaal bestaan meer kan leiden, besluit ze met de kinderen terug naar Nederland te gaan. Voor ze het weet staat ze te boek als kinderontvoerster en moet ze voor de rechter verschijnen. Ondanks de rechterlijke uitspraken nemen zowel de vader als de moeder het recht in eigen hand. Tobias is het uitverkoren kind dat de dromen van zijn vader, die een mislukkeling is op vele fronten, moet verwezenlijken. Hoe dat precies zit, wordt stukje bij beetje duidelijk in Dossier Tobias, net als de identiteit van de vermoorde vrouw die aan het begin wordt gevonden.

Waarom heb je voor dit thema gekozen?
Het is een boeiend thema en een actueel maatschappelijk probleem. Laatst nog werd de 7-jarige Katja door haar Amerikaanse vader ontvoerd, waarna heel Nederland op zijn kop stond. De vader bleek een Amerikaanse rechterlijke uitspraak op zak te hebben en kon zijn gang gaan, terwijl de uitspraken van de Nederlandse rechter met voeten werden getreden. Het Haags Kinderontvoeringsverdrag, waarover het boek ook gaat, komt hiermee zwaar onder druk te staan. Landen respecteren elkaars uitspraken niet langer. Straks gaat iedereen doen waar hij zin in heeft. Het probleem van de meeste uitspraken is bovendien dat ze gaan over de rechten van vader en moeder, maar zelden over de rechten van het kind. Deze vader ook weer, die vindt dat hij recht heeft op het meisje! Hij had het kind 2 jaar niet gezien. Ze wist niet eens wie hij was. De man is al aan zijn zesde echtgenote toe, en Katja is haar moeder voor altijd kwijt, want denk maar niet dat zij de V.S. nog inkomt.

Het boek lijkt een hoog waarheidsgehalte te hebben. De situaties die beschreven worden over de strijd om kinderen tussen scheidende ouders kom je vaak tegen. In hoeverre is dit boek factie?
Het verhaal is gebaseerd op een werkelijk gebeurde ontvoeringszaak, waarbij ik nauw betrokken ben geweest. Nu moet ik oppassen met wat ik zeg, want het ontvoeren van een kind is strafbaar. Het ging om mijn neefje, die door zijn vader uit Amsterdam is ontvoerd naar Polen. We hebben de jongen teruggehaald, maar dat ging niet zonder slag of stoot.

Tobias is een klein jongetje dat ontvoerd wordt door zijn beide ouders. In hoeverre is het Haags Kinderontvoeringsverdrag, waarover in het boek wordt geschreven, realiteit?
Alles wat ik schrijf over het verdrag klopt, alleen het spoeddebat in de Tweede Kamer is verzonnen. Grappig genoeg heeft dat debat, bijna op dezelfde manier, plaatsgevonden maanden nadat ik mijn manuscript had ingeleverd.
Dossier Tobias speelt zich deels af in Polen. Er staan bijvoorbeeld schokkende scènes in die plaatsvinden in een Pools ziekenhuis. Heb je veel research gedaan naar de leefomstandigheden in Warschau? Ik ben in Warschau geweest, maar de scènes in het Poolse ziekenhuis heb ik uit verhalen van iemand die daadwerkelijk op die manier in het staatsziekenhuis heeft gelegen. Ook dat is dus zeer waarheidsgetrouw, ja.

Klopt het dat het Haags Kinderontvoeringsverdrag vrijwel altijd nadelig uitpakt voor Nederlandse vrouwen? Kun je dit toelichten?
Het is gebleken dat Nederlandse vrouwen vaak hun kinderen ‘ontvoeren’ en dat Nederlandse rechtbanken de kinderen dan terugsturen omdat dat nu eenmaal zo is afgesproken in het verdrag. De politiek is ervan doordrongen dat Nederland niet altijd het braafste jongetje van de klas moet willen zijn. Het belang van het kind moet voorop staan, en niet het herstellen van de situatie van vóór de ontvoering. Want wie zegt dat die situatie beter was? Nu is het nog zo dat als je de kinderen vanuit de hel naar het paradijs ontvoert, dat ze toch worden teruggestuurd.

Kinderen zijn loyaal aan beide ouders. De kinderen die gedwongen worden om te kiezen tussen hun ouders, komen in een onmogelijke, gevaarlijke positie. Een kind wil en kan niet kiezen. Ben je het hiermee eens? Wat vind je van een ouder die een kind toch dwingt om te kiezen?
Het is afschuwelijk voor een kind om te moeten kiezen. Ze mogen kiezen als ze 12 jaar zijn. Jongere kinderen worden geacht zich nog geen eigen mening te kunnen vormen. Bij ontvoeringszaken wordt er als het goed is langdurig met ze gesproken door de Kinderbescherming. Vader of moeder mogen daar niet bij zijn. Het kind moet vrijuit kunnen praten. Als een kind kiest, moet het die last de rest van zijn leven met zich meedragen, want reken maar dat de andere ouder het kind dat verwijt. Ik ben overigens van mening dat het in ontvoeringszaken het wel degelijk mogelijk is om jongere kinderen te laten meebeslissen over hun woonplaats. Neem nu weer even die Katja als voorbeeld: je kunt mij niet vertellen dat een jong kind dat in Amsterdam op school zit het prettig vindt om ineens in Amerika te wonen zonder moeder, vriendjes en school in een vreemd land waar ze de taal niet spreekt en waar haar vader met een wildvreemde vrouw woont. Van mij mag Katja door de Kinderbescherming worden gehoord en mag ze haar voorkeur uitspreken. Het gaat om haar.

Denk je dat de gevolgen van moeten ‘kiezen’ op latere leeftijd groot zijn?
Dat vind ik moeilijk. Ik ben geen psycholoog. Als een kind met liefde en zorg wordt opgevoed en een gelukkige jeugd heeft, waarin er uiteraard wel een goed contact is met de andere ouder in het buitenland, dan zal het wel loslopen denk ik.

Binnen families hebben mensen vaak gezamenlijke loyaliteitswortels. Deze zijn ook het erfgoed van vorige generaties. In jouw boek komt deze kwestie eveneens aan de orde. Wil je hierover iets meer vertellen.
Achter de motieven van de vader zit een lange, tragische geschiedenis. Die wil ik verder niet verklappen, maar de geschiedenis van Polen, een land dat zijn identiteit lang is kwijt geweest, speelt daarin een belangrijke rol, net als het katholicisme. Ik las ergens dat vader ‘een 24-karaats hufter is’, maar dat vind ik eerlijk gezegd een nogal beperkte weergave van het personage Nicolas.

In Dossier Tobias zit veel woede en onmacht. Was dit voor jou een noodzakelijke drijfveer om dit boek te kunnen schrijven?
Even voor de goede orde: het zijn niet mijn woede en onmacht, maar die van al die moeders en vaders die in dit soort conflicten zitten. Kennelijk heb ik die goed weten over te brengen. Wel heb ik uiteraard een mening over dat Haags Kinderontvoeringsverdrag, dat ik eerder een gedrocht heb genoemd. Gelukkig wordt daar op aandringen van de Tweede Kamer nu van alles aan gedaan door het kabinet.

Ben je al bezig met een volgend boek? Wil je hierover iets kwijt?
In mijn hoofd ben ik al bezig met een volgend boek, maar de ervaring leert dat het idee altijd een paar maanden moet rijpen. In dit embryonale stadium ga ik er dus nog niets over zeggen.


Annet de Jong heeft veel prikkels nodig
Thriller over kinderen in het nauw

door Bertjan ter Braak
Verscheen op 2 mei 2009 in De Telegraaf

Het is al gezellig druk onder de grote kroonluchter in Stanislavski, het trendy nieuwe restaurant van de Amsterdamse Stadsschouwburg. Stelletjes hangen aan de bar met een cappucino of een glas witte wijn. Obers lopen af en aan met gerechten. Hier wordt vanavond de dis gebruikt met Annet de Jong, collega en schrijfster. Haar tweede zinderende roman, Dossier Tobias, ligt kakelvers in de boekwinkel.
En dat is snel, na haar debuut Vuurkoraal. Een gemakkelijke schrijfster dus? De Jong schiet in de lach. “Nou, ik heb geen kids, het huishouden is uitbesteed, mijn vrouw heeft een erg drukke baan. Dat maakt het allemaal wel een stuk eenvoudiger. Maar tegelijkertijd ben ik erg gedisciplineerd. Elke dag 4000 woorden.”
Op een bewonderende blik relativeert ze meteen: “Maar na een aantal uren schrijven ben ik leeg. Dan zijn de concentratie en inspiratie op. Ik ben snel verveeld. Tegelijkertijd vind ik dat je als schrijver ook naar buiten moet gaan, de straat op. Ik heb nou eenmaal veel prikkels nodig. Ik zal ook nooit een fulltime schrijver worden.”
Na de Caribische heksenketel van Vuurkoraal, losjes gebaseerd op de affaire-Natalee Holloway, is er de Poolse hel van Dossier Tobias. Kortweg het verhaal van een stukgelopen huwelijk tussen een Pools-Canadese man en een Nederlandse vrouw – en wat er met hun kinderen gebeurt, met name met hun zoontje Tobias. Net als Vuurkoraal gebaseerd op een waargebeurde geschiedenis?
Boven het net gebrachte glas koele droge witte wijn vlamt de passie op de in de ogen van De Jong. “Uit eigen ervaring ja. Ik ben van dichtbij bij zo’n affaire betrokken geweest. Het kind dat tussen wal en schip raakte was mijn neefje. En we hebben hemel en aarde bewogen om hem terug te krijgen. Veel van wat er in de roman gebeurt, hebben we zelf ondernomen, aan den lijve meegemaakt.”
De Jongs eigen professionele verleden op de parlementaire redactie van deze krant heeft daarbij ook een rol gespeeld, zo blijkt als ze van wal steekt over de politiek: “De hele wetgeving voor dit soort situaties deugt van geen kant. Het is nog steeds verre van goed geregeld. Iemand als Fred Teeven heeft zich er enorm voor ingezet. Maar terwijl we hier zitten te praten belanden er keer op keer en steeds weer vrouwen in de situatie van Isabel IJzerman, de hoofdpersoon van mijn boek. Je mag dan ook wel zeggen dat Dossier Tobias meer uit noodzaak geschreven is dan Vuurkoraal. Dat was in de eerste plaats mijn ticket naar het schrijverschap. Om te zien of ik het kón, een roman schrijven.”
Terugkerend naar de vraag over de waargebeurde grondslag van allebei haar romans: “Als iets uit het echte leven gegrepen is, krijgt een boek een andere energie. Ik zie mezelf ook nog wel eens literaire non-fictie schrijven, zoiets past me wel.”
We laten de blik even rond glijden over het roezemoezerige publiek van Stanislavski. De Stadsschouwburg is een soort tweede huis voor De Jong, die ook toneel recenseert. Behalve romans en non-fictie dan ook toneelstukken? Er verschijnt een denkrimpel in haar voorhoofd. Dan zegt ze, met een zekere stelligheid: “Nee, dat geloof ik niet. Dan eerder een filmscenario.” Ze heeft alle reden daarover te hebben nagedacht, nu Vuurkoraal verfilmd gaat worden door Hans Pos. “Zo’n scenario schrijven, dat trekt me wel. Ik heb al wel overwogen naar de filmacademie te gaan om daar de kneepjes van dat vak te leren.” Om er vervolgens met een brede grijns aan toe te voegen: “Nu we het er toch over hebben, er ligt nog wel een oude wens om samen met Dominique, mijn vrouw, een lesbisch toneelstuk te schrijven. Maar of het dáár ooit van zal komen…”
“Uiteindelijk”, concludeert ze, “is de journalistiek mijn eerste natuur. Mijn vak gaat me heel goed af en blijft me stimuleren. Het is een dynamisch beroep en die dynamiek past me. Nu ik er over nadenk past dat ook wel bij de aard van de boeken die ik nu heb geschreven. Het zijn eerder spannende boeken dan whodunnits. Zowel Vuurkoraal als Dossier Tobias moeten het hebben van suspense. Een deel daarvan bedenk ik van tevoren al, want ik werk wel echt vanuit een schema. Maar verhaallijnen kunnen ook spontaan, tijdens het schrijven, ontstaan. De uiteindelijke verrassende draai in Dossier Tobias komt voort uit zo’n late inval – dat is voor mij het leukste in het schrijfproces.”
Een schema, invallen, hoe werkt De Jong verder? Is ze ter plekke in Polen op een fact finding mission gegaan, zoals van Frederick Forsythe wel gezegd werd dat hij precies timede hoe lang een man erover deed om het Rode Plein in Moskou over te rennen? De Jong glimlacht: “Zoals gezegd heb ik een soortgelijke situatie meebeleefd. Die stond in mijn herinnering gegrift. Ik voelde niet de behoefte om daar terug te keren. Ik ben trouwens gezegend met zoiets als een filmisch geheugen, dus veel ervan kon ik zonder veel moeite weer oproepen.”
Dossier Tobias is klaar, ligt in de winkel. Op naar het volgende boek? “Dat zit er wel in ja, ik heb meer dan genoeg ideeën. En dan is er in mijn achterhoofd altijd nog hét boek dat ik altijd al heb willen schrijven. Wat dat is weet ik nog niet, misschien dat de zelfmoord van mijn vader er een hoofdrol in gaat spelen, want die gist al een kwart eeuw in mijn hoofd. Maar de dingen komen zoals ze komen. Zoiets kun je niet afdwingen.”

Dossier Tobias van Annet de Jong is verschenen bij uitgeverij Querido (ISBN 9789021435220) en ligt nu in de boekwinkel.


OVER VUURKORAAL

Annet de Jong over haar literaire thriller Vuurkoraal

U bent journalist, is dat te combineren met schrijverschap?

Dat was niet eenvoudig. Ik werk fulltime op de kunstredactie van De Telegraaf, maar waar een wil is… Het is me gelukt om vrij gedisciplineerd ’s ochtends vroeg of ’s avonds laat aan het boek te werken. Toegegeven, het was een uitputtingsslag, maar ik ben heel tevreden over het resultaat.

Waar gaat Vuurkoraal over?

Over een zeventienjarig meisje, Merel Hoogstraten, dat verdwijnt tijdens een vakantie met haar ouders en vriendinnen op Curaçao. Journaliste Dana Winter van het Nederlandstalige dagblad Amigoe zet haar tanden in de zaak, maar raakt dieper bij de affaire betrokken dan haar lief is.

Dat doet denken aan de zaak-Holloway. Gaat het daarover?

Nee. Zo’n zaak inspireert natuurlijk wel enorm, maar ik heb niet geprobeerd dat mysterie op te lossen, dat laat ik over aan Peter R. de Vries. Dana Winter is wel minstens zo ambitieus als Peter R. Ze wil dolgraag naam maken als misdaadjournaliste en gaat daarin behoorlijk ver: ze neemt soms gevaarlijke risico’s.

Waarom hebt u gekozen voor een zogenaamde ‘literaire thriller’?

Ik hou van het genre - van detectives en film noir – en ik heb jaren geleden, tijdens mijn studie Engels, een cursus crime fiction gevolgd in Newcastle. Ik wilde een spannend boek schrijven. Of je het een spannende roman noemt of een literaire thriller, dat maakt mij niet uit, maar het blijft een boeiende discussie: niet alle goed geschreven romans hebben met Grote Kunst te maken en niet alle thrillers zijn pulp. Ik denk dat het predikaat ‘literaire thriller’ de detective in Nederland salonfähig heeft gemaakt. En wat Vuurkoraal betreft: dat moeten de lezers maar beoordelen.

Hebt u onderzoek gedaan op het eiland?

Ja, absoluut. Het moet allemaal wel kloppen. Ik was al eens eerder op Curaçao geweest, maar ben teruggegaan om met mensen te praten en research te doen. En om te duiken natuurlijk: er wordt ook gedoken in Vuurkoraal.

Wat is dat eigenlijk, vuurkoraal?

Vuurkoraal is niet wat het lijkt: het ziet eruit als oranje koraal, maar het is een gevaarlijk anemoon. Als je het aanraakt, krijg je na een paar minuten pijnlijk jeukende uitslag. Eigenlijk is het dus een giftige kwal, vermomd als koraal.

Bent u een fanatiek duiker?

Ik ben een gevorderd duiker, maar mij zal je niet tegenkomen in het Grevelingenmeer op zoek naar grijze vissen. Ik ben een vakantieduiker en een mooi-weer-duiker en in dat opzicht vreselijk verwend: ik heb mijn brevet gehaald op de Malediven en heb gedoken in de Rode Zee en op de Antillen.

Wat is Dana Winter voor iemand?

Dana is zevenendertig jaar en ze is een loner. Een aantrekkelijk schepsel, maar met een duidelijk hard boiled kantje: ze is soms grofgebekt, ze rookt en drinkt en ze kan meedogenloos en schaamteloos zijn. Maar tegelijkertijd is ze iemand die net als iedereen hunkert naar liefde. Intussen leeft ze voor de krant en geniet ze ook daar van.

Hebt u al inspiratie voor een volgend boek?

Ideeën genoeg, maar daar red je het niet mee. Ik heb Tim Krabbé ooit horen zeggen: ‘Schrijven is voor 10 procent inspiratie en voor 90 procent bloed, zweet en tranen.’ En zo is het, weet ik nu uit ervaring. Maar ik moet zeggen dat ik na Vuurkoraal de smaak te pakken heb.